Nummer 6620
CAFEHOUDER
Aanslagjaar 2002
FORFAITAIRE GRONDSLAGEN VAN AANSLAG
voor de caféhouders voor het aanslagjaar
2002 (inkomsten van 2001).
(Art. 342, § 1, 2de lid, van het Wetboek
van de inkomstenbelastingen 1992).
I. BEGRIPPEN
Nummer
6620/1
1. Basiskostpriis
Bedrag waarop de BTW werd of had moeten
worden berekend bij de inkoop of bij de invoer.
2. "Kleine caféhouder"
Met "kleine caféhouders" worden bedoeld
die welke :
a) in de loop van het beschouwde jaar geen
koude dranken hebben ingekocht (bieren, waters, limonades, melk- en
coladranken, wijnen, porto's, aperitieven, enz.) voor een bedrag -exclusief
BTW- van meer dan 700.000 BEF of 17.352,55 EUR (indien de werkzaamheid in de
loop van het bedoelde jaar werd aangevat of stopgezet moet dat bedrag pro rata
temporis worden aangepast);
b) op die dranken geen brutowinst hebben
genomen hoger dan :
- voor het in vaten ingekocht bier : 155 %
van de inkoopprijs;
- voor andere koude dranken : 215 % van de
inkoopprijs;
c) niet uitsluitend of bijna uitsluitend
koffie of andere warme dranken serveren (coffee-bars);
d) geen maaltijden verschaffen waarvoor ze
krachtens de BTW-wetgeving hetzij rekeningen of ontvangstbewijzen, hetzij
kastiketten (bons van kasregisters) moeten uitreiken;
e) geen frisdranken verkopen, getapt door
middel van post- of premixinstallaties.
3. Jaarlijks drankgebruik
De jaarlijks door het gezin verbruikte
hoeveelheid drank, uitgedrukt in liter vatbier van gewone kwaliteit (soort
Pils) is vastgesteld in functie van de samenstelling van het gezin :
- 300 l per jaar voor elk der echtgenoten;
- 100 l per jaar voor het eerste kind ten
laste;
- 50 l per jaar en per persoon voor ieder
ander persoon ten laste.
De inkoopprijs van deze dranken is niet
aftrekbaar als beroepskost.
De door de personeelsleden verbruikte
hoeveelheid drank is bepaald op 1 l vatbier van gewone kwaliteit (soort Pils)
per personeelslid en per volledige werkdag (het aantal werkdagen wordt bepaald
op zicht van de documenten die zijn opgesteld inzake sociale zekerheid).
De prijs van deze dranken is daarenboven
aftrekbaar als beroepskost.
Indien tijdens het jaar geen vatbier werd
ingekocht of indien de hoeveelheid ingekocht vatbier kleiner is dan het
hierboven vermelde verbruik, moet dat verbruik worden omgezet in flessen bier
(1/4 of 1/3 l) van gewone kwaliteit.
4. Bestanddelen van de brutowinst
De brutowinst is samengesteld uit de
volgende bestanddelen :
- de brutowinst op de verkoop van dranken;
- de brutowinst op kleine niet door de
caféhouder bereide eetwaren en op gekookte eieren;
- de brutowinst op andere bijkomende
handelingen en andere inkomsten;
- eventueel de bediening.
II. BEPALING VAN DE
BRUTOWINST OP DRANKEN
Nummer
6620/2
Bedoelde dranken
- bier in vaten;
- bier in flessen;
- mineraalwaters, limonades, coladranken,
melkdranken, siropen, fruit- en groentesappen;
- geestrijke dranken;
- aperitieven;
- porto;
- wijnen ingekocht in flessen;
- koffie;
- thee;
- bouillon en ingekochte vooraf bereide
soepen.
Toe te passen regelingen
Er zijn twee regelingen voor de bepaling
van de brutowinst : de ene betreft de "kleine caféhouders", de andere
betreft de gewone regeling.
A. "Kleine caféhouders"
Nummer 6620/3
1. In aanmerking te nemen kostprijs
De basiskostprijs wordt verminderd
met die van de voor het jaarlijks verbruik van het gezin en van de
personeelsleden bestemde dranken (zie sub I, 3 hiervoor).
2. Koopwarengroepen en op de kostprijs toe
te passen forfaitaire winstmarges
|
Deze winstmarge werd bepaald rekening
houdend met een verlies van 6 %. |
Winstmarges |
|
Andere dranken dan bier in vaten en
dranken bedoeld sub 3 hierna. - bier in flessen; - mineraalwaters, limonades, cola- en
melkdranken, siropen (andere dan postmix), fruit- en groentesappen; - aperitieven; - porto; - wijnen ingekocht in flessen, - koffie (filters en koppen); - thee; - bouillon en vooraf bereide soepen. |
200
% |
3. Expresso's en geestrijke dranken
a) Rendementen
expresso's
- per kg koffie
:
142 consumpties
geestrijke dranken
- per fles van 100, 97 of 96 cl
: 20 consumpties
- per fles van 75 of 70 cl
: 15
consumpties
- per fles van 50 cl
:
10 consumpties
b) Vaststelling van de ontvangsten -
exclusief BTW
De forfaitaire ontvangsten -inclusief BTW-
worden berekend als volgt : A x R x P.
- A = ingekochte hoeveelheid;
- R = rendement (zie sub 3, a hiervoor);
- P = verkoopprijs -inclusief BTW en
bediening- overeenkomstig het tarief dat door de caféhouder tijdens het
desbetreffende jaar werd toegepast.
De in de bedoelde ontvangsten begrepen BTW
wordt afgetrokken door het totaal van de ontvangsten te vermenigvuldigen met
100/100+t, t zijnde het tarief van de BTW.
c) Vaststelling van de brutowinst
De brutowinst op de verkoop van expresso's
en van geestrijke dranken is gelijk aan het verschil tussen de
netto-ontvangsten, berekend op de wijze die bepaald is sub 3, b en de
inkoopprijs -exclusief BTW- van de dranken en waren waarop de rendementen van
toepassing zijn.
B. Gewone caféhouders
Nummer
6620/4
1. Rendementen
|
aantal glazen dat uit één hl wordt
getapt : De schifting tussen de glazen van ± 20
cl, van 25 cl en van 33 cl wordt, voor elk geval, onder controle van de
taxatiedienst, door de belastingplichtige gedaan. Bij de vaststelling van die rendementen
werd rekening gehouden met : - alle verliezen (o.m. verlies op de
inhoud van de vaten, het onderste van het vat, lekkende vaten, verlies bij
het aansteken van de vaten en bij het aftappen, verlies door overmaat van
druk en door overlopend schuim); - de eventuele representatiekosten die
door geen bewijsstukken zijn gestaafd (kwijtingen, facturen); die
representatiekosten - zoals de aan de klanten kosteloos aangeboden
consumpties- worden derhalve voor inrichtingen waar, zelfs toevallig, vatbier
wordt verkocht, niet als beroepskosten aangenomen. |
Rendementen - 470 glazen van ± 20cl - 376 glazen van 25 cl - 282 glazen van 33 cl |
|
b) Bier in flessen : per fles van : - 1/4 of 1/3 l :
- 2/3 l :
- 3/4 l : |
- 1 glas - 2,5 glazen van 25 cl of 2 glazen van
33 cl - 3 glazen van 25 cl of 2,5 glazen van
33 cl |
|
c) Mineraalwaters, limonades,
coladranken, melkdranken, fruit- en groentesappen : 1° aangekocht in flessen of in dozen (1)
: per fles of per doos van : - 1/4 l of minder : |
- 1 consumptie |
|
2° limonades, coladranken getapt door
middel van een installatie van het : a) type
premix : aantal glazen getapt per hl : b) type postmix : - aantal glazen getapt per vat van 20 l: - aantal glazen getapt per vat van 10 l
: - aantal glazen getapt per vat van 5 l : 3° Spuitwater getapt door middel van een
installatie van het type Postmix : - aantal glazen getapt per hl : |
- 500 glazen van ± 20 cl - 665 glazen van 18 cl - 330 glazen van 18 cl - 165 glazen van 18 cl - 500 glazen van 20 cl |
|
d) Geestrijke dranken - per fles van 100, 97 of 96 cl : |
- 20 consumpties |
|
e) Porto : per fles van 72 cl : |
- 9 consumpties |
|
f) Aperitieven : per fles van - 72 cl |
- 9 consumpties |
|
g) Wijnen ingekocht in flessen per fles van - 70 cl : N.B. : de in vaten ingekochte wijnen
zijn hier niet bedoeld (zie sub IV, 2, a, hierna) |
- 6 consumpties |
|
h) Koffie : per kg koffie - filters : per ingekochte vooraf bereide filters : |
- 70 consumpties - 1 consumptie |
|
i) Thee : per builtje : |
- 1 consumptie |
|
j) Bouillon : per fles van 1 l : |
- 100 consumpties |
|
k) Ingekochte vooraf bereide soepen. : per zakje : |
- 1 consumptie |
(1) De brutowinst op fruit- en
groentesappen die, hetzij worden bereid door de caféhouder zelf, hetzij worden
aangekocht in flessen of dozen met grotere inhoud dan een consumptie, is
individueel te bepalen (zie sub IV, 2, c hierna) .
2. Inkopen waarop de rendementen van
toepassing zijn
De rendementen zijn van toepassing op alle
inkopen van dranken en waren die bestemd zijn voor het bereiden van dranken, verminderd
met de inkopen die bestemd zijn voor het jaarlijks verbruik van het gezin en
van de personeelsleden (zie sub I, 3, hiervoor).
Met betrekking tot het spuitwater dat
wordt getapt door middel van een installatie van het type postmix wordt het
rendement toegepast op de totale hoeveelheid van het getapte water (het
verschil van de index van de watermeter van de installatie opgenomen bij het
begin en bij het einde van het belastbare tijdperk) verminderd met :
- het aantal liter water dat bij de
siropen wordt gevoegd;
- de hoeveelheid water dat gebruikt wordt
voor het spoelen van de installatie, forfaitair vastgesteld op 300 liter per
jaar.
3. Vaststelling van de ontvangsten -
exclusief BTW
De forfaitaire ontvangsten -inclusief BTW-
worden berekend als volgt : A x R x P.
- A = ingekochte hoeveelheid (in
voorkomend geval, rekening gehouden met de sub B, 2 hiervoor vermelde
verminderingen);
- R = rendement (zie sub B, 1 hiervoor);
- P = verkoopprijs -inclusief BTW en
bediening- overeenkomstig het tarief dat door de caféhouder tijdens het
desbetreffende jaar werd toegepast.
De in de bedoelde ontvangsten begrepen BTW
wordt afgetrokken door het totaal van de ontvangsten te vermenigvuldigen met
100/100+t, t zijnde het tarief van de BTW.
4. Vaststelling van de brutowinst
De brutowinst op de verkoop van dranken is
gelijk aan het verschil tussen de netto-ontvangsten, berekend op de wijze die
bepaald is sub 3, en de inkoopprijs -exclusief BTW- van de dranken en waren
waarop de rendementsnormen van toepassing zijn.
III. BRUTOWINST OP
KLEINE NIET DOOR DE CAFEHOUDER BEREIDE EETWAREN EN OP GEKOOKTE EIEREN
Nummer
6620/5
|
- niet zelfgebakken wafels; - chips, kleine koekjes, chewing-gum,
nootjes; - suikerwaren; - allerlei worsten (niet toebereid of
verwarmd door de caféhouder); - pekelharing; - ingekocht roomijs, als dusdanig
wederverkocht zonder bijzondere service; - gekookte eieren. |
Winstmarges
|
IV. BRUTOWINST OP
ANDERE BIJKOMSTIGE HANDELINGEN EN ANDERE INKOMSTEN
Nummer
6620/6
Dienen individueel te worden vastgesteld,
eventueel rekening houdende met de bediening :
1. de brutowinst op de verkoop, in het
café, van "lichte" maaltijden die enkel met brood worden geserveerd
en die in de hiernavolgende beperkende lijst zijn opgenomen:
- zelfgemaakte soepen;
- croques (monsieur, madame, hawaïaanse,
... ) en andere toasten van allerlei aard;
- kroketten (van garnalen, vlees,
gevogelte, kaas, ... ) met uitzondering van aardappelkroketten;
- pastei van gevogelte, pensen,
satés;
- belegde broodjes (inbegrepen hamburgers,
hot-dogs, pittas, ... );
- deegwaren (spaghetti, lasagna, ... ),
pizza, quiche en andere gekruide taarten;
- koude salades (van vlees, vis, ... );
- Engelse schotels;
- omeletten, roereieren, spiegeleieren en
andere bereide eieren;
- pannenkoeken, nagerechten en zelfgemaakt
ijs of ingekocht ijs wederverkocht met bijzondere service door de caféhouder,
zelf gebakken wafels, gebak, koeken, croissants, yoghurt en milkshakes.
De caféhouder die andere maaltijden
verschaft moet rekeningen of ontvangstbewijzen uitreiken voor alle door hem
verstrekte maaltijden met inbegrip van deze die in hogergenoemde beperkende
lijst voorkomen, en is uitgesloten van de forfaitaire regeling;
2. de brutowinst op de verkoop, in het
café, van :
a) door de caféhouder ingekochte wijn
in vaten;
b) dranken niet vermeld sub II hiervoor;
c) fruit- of groentesappen die hetzij
worden bereid door de caféhouder zelf, hetzij worden aangekocht in flessen of
dozen met een grotere inhoud dan één consumptie;
d) sigaretten, cigarillo's en sigaren;
3. de opbrengst -exclusief BTW- van de
verhuring van roerende goederen of de opbrengst -exclusief BTW- van de in het
café geplaatste ontspanningstoestellen (biljart, jukebox, enz.) of andere
toestellen, die eigendom zijn van de caféhouder of die door hem in huur worden
genomen;
4. de brutowinst wegens het verschaffen
van de onder sub 1 bedoelde lichte maaltijden, die uitsluitend worden
geserveerd met brood, in het café bij plechtigheden (bv. uitvaartmalen) of bij
feesten;
5. de commissielonen -exclusief BTW- en
diverse restorno's -exclusief BTW- (commissielonen toegekend door een
brouwerij, tussenkomsten in de algemene beroepskosten, enz.);
6. alle ontvangsten -exclusief BTW- en
inkomsten -exclusief BTW- met beroepskarakter, met uitsluiting evenwel van de
sommen die de caféhouder aan zijn klanten aanrekent voor het gebruik van zijn
telefoontoestel (zie VI, 3, 1e gedachtenstreep, hierna).
V. BEDIENING
Nummer
6620/7
De door de verbruiker betaalde bediening :
- moet bij de overeenkomstig sub II, A, 1
en 2 en III bepaalde brutowinst worden gevoegd. Zij wordt forfaitair
vastgesteld op 15 % van de omzet, exclusief BTW;
- is in de overeenkomstig sub II, A, 3,
II, B, en IV bepaalde brutowinst inbegrepen.
VI. BEROEPSKOSTEN
Nummer
6620/8
1. De aftrekbare beroepskosten zijn die
bepaald overeenkomstig de wettelijke bepalingen terzake, met inbegrip van :
- de kostprijs van de door de
personeelsleden verbruikte dranken;
- het bedrag van de aan de personeelsleden
toegekende bediening, mits voorlegging van bewijsstukken.
2. De kosten van was en slijtage van specifieke
beroepskledij mogen worden geraamd op 90 BEF of 2,23 EUR per
tewerkgestelde persoon (uitbater en bezoldigd personeel) en per werkdag.
3. Zijn niet als beroepskosten aftrekbaar
:
- de telefoonkosten, vermits die kosten
geacht worden te zijn gecompenseerd door de -niet aan te geven (zie sub IV, 6,
hiervoor)- ontvangsten voor het gebruik van het telefoontoestel door de
klanten;
- de representatiekosten die niet door
bewijsstukken zijn gestaafd -zoals de aan de klanten kosteloos aangeboden
consumpties- voor de inrichtingen waar, zelfs toevallig, vatbier wordt
verkocht.
VII.
TOEPASSINGSREGELEN
A. Algemene bepalingen
Nummer
6620/9
De forfaitaire grondslagen van aanslag
zijn slechts van toepassing bij gebreke aan bewijskrachtige gegevens geleverd,
hetzij door de belastingplichtige, hetzij door de administratie.
Indien de belastingplichtige in zijn
aangifte de forfaitaire aanslag vraagt, drukt hij, door het feit zelf, zijn wil
uit in te stemmen met de gezamenlijke toepassingsregelen van de in overleg met
de betrokken beroepsgroeperingen vastgestelde forfaitaire grondslagen. Indien
de belastingplichtige daarentegen oordeelt er niet mee te kunnen instemmen,
moet hij, onder controle van de administratie, het bedrag vaststellen en
aangeven van de door hem werkelijk behaalde winsten.
De taxatieambtenaar mag zijnerzijds de
toepassing van het forfait weigeren :
a) indien hij in staat is te bewijzen dat
de werkelijke winst aanzienlijk hoger is dan de forfaitair bepaalde winst;
b) indien hij vaststelt hetzij, dat de
belastingplichtige de bescheiden die inzake BTW voor verrichtingen met
betrekking tot zijn beroepswerkzaamheden zijn voorgeschreven, niet geëist of
uitgereikt heeft, hetzij dat de betrokkene zijn verplichtingen inzake het
houden van boeken en bescheiden niet is nagekomen.
B. Bijzondere bepalingen
Nummer
6620/10
1. De caféhouder die aan de voorwaarden
voldoet om belast te worden volgens de regeling "kleine caféhouder"
mag evenwel de taxatie volgens de gewone regeling vragen.
2. De voor de vaststelling van de
brutowinst hierboven uiteengezette regels gelden niet voor :
- de bars met diensters;
- de drankgelegenheden waar de consumpties
op bepaalde tijdstippen tegen hogere prijzen worden verkocht (bv. ter
gelegenheid van het optreden van een orkest);
- de hotel- en restauranthouders, zelfs
indien ze afzonderlijk een drankgelegenheid uitbaten;
- de caféhouders die andere maaltijden
verschaffen dan de lichte maaltijden bedoeld onder sub IV, 1 en 4 (deze
caféhouders zijn ertoe gehouden hetzij rekeningen of ontvangstbewijzen, hetzij
kasticketten uit te reiken voor alle door hen verstrekte maaltijden).